De proeftuin ‘Kunst en Landschap’ Stedendriehoek ontvangt 235.000 euro van het Rijk voor culturele vernieuwing in de regio. Hiermee willen de partners in Oost-Nederland de kennis en ervaring uit projecten inzetten om de cultuurregio te versterken.

Het proeftuinvoorstel is namens de cultuurregio Stedendriehoek ingediend bij de minister. De Stichting IJsselbiënnale is projecteigenaar van de proeftuin en werkt hierbij samen met Kunstenlab (Deventer), ACEC (Apeldoorn), Koelhuis (Zutphen), Stichting Kunstwegen en Sonsbeek International (Arnhem). Minister Van Engelshoven trekt tot en met 2020 4 miljoen euro uit om culturele vernieuwing te stimuleren. Het bedrag wordt door verschillende stedelijke regio’s verdubbeld tot 8 miljoen euro. Er starten 15 culturele proeftuinen, verspreid over het hele land.

Landschap waarderen
Wethouder Cultuur Carlo Verhaar is blij met het toegekende bedrag voor de proeftuin in deze regio. “Kunst in het landschap is iets bijzonders. Door middel van kunst kunnen we het landschap beter lezen, begrijpen en waarderen. Met het geld van het Rijk kunnen we de regionale samenwerking bestendigen én uitbreiden, daar ben ik bijzonder content mee.”

Traditie
Het geld wordt gebruikt om de cultuurregio Oost-Nederland te versterken, met kunst en landschap als verbinder en drager van identiteit en samenwerking. Mieke Conijn, directeur IJsselbiënnale: “De proeftuin onderzoekt hoe beeldende kunst bestaande waarden van de verschillende landschapstypes zichtbaar kan maken en mensen kan betrekken. Dit doen we vanuit de traditie die er in Oost-Nederland is met kunst in het landschap.”

Partners
Bij de proeftuin zijn de gemeenten Deventer, Zutphen, Apeldoorn, Zwolle, Kampen, Hattem, Heerde, Epe, Olst-Wijhe, Voorst, Lochem, Brummen, Bronckhorst, Rheden en Doesburg betrokken. Daarnaast zijn onder mee provincies Overijssel en Gelderland, waterschappen, Rijkswaterstaat; Staatsbosbeheer, Stichting IJssellandschap, Landschap Overijssel, Gelders Landschap en Kastelen, Het Oversticht, bedrijven en marketingorganisaties en circa 100 culturele makers, waaronder 10 musea.

Kosten
De proeftuin kost in totaal 470.000 euro. De helft wordt betaald door het Rijk, de rest door partners uit de cultuurregio.